Dwangstoornissen

Controleren of het gas uit is, de rode auto's in de file tellen of de hele tijd hetzelfde liedje in je hoofd hebben: het is allemaal heel gewoon. Het wordt een ander verhaal wanneer iemand niet anders meer kan dan altijd maar schoonmaken. Dan is het gewone dagelijkse moeten dwang geworden. Die dwang kan zo ver gaan dat een gewoon leven niet meer mogelijk is. We spreken dan van een dwangstoornis.

Als er geen sprake meer van een normale vorm van controleren of herhalen is, als iemand hier een groot gedeelte van de dag mee bezig is en als angst en onveiligheid het leven beheerst spreken we van een dwangstoornis.

Verschijnselen

Mensen met een obsessief-compulsieve stoornis hebben last van steeds terugkerende dwanggedachten en/of dwanghandelingen.

Dwanggedachten (obsessies) zijn gedachten die mensen weliswaar zelf hebben, maar die ze vreemd en overdreven vinden. Het overkomt hun en ze kunnen die gedachten niet voorkomen of loslaten. De gedachten zijn hardnekkig en veroorzaken angst of lijden.

Dwanghandelingen (compulsies) zijn zich steeds herhalende handelingen die iemand van zichzelf op dezelfde speciale manier moet doen. Bijvoorbeeld alles steeds controleren of schoonmaken

Mensen met een dwangstoornis weten heel goed dat hun gedachten en gedragingen eigenlijk niet nodig zijn, maar ze kunnen de gedachten niet stoppen en de handelingen niet achterwege laten.

Gevolgen

De dwangstoornis kan negatieve gevolgen hebben voor de persoon zelf en zijn directe omgeving, op vele gebieden.

  • Spanningen in de relatie of in het gezin.
  • Moeilijkheden op het werk, soms wordt werken onmogelijk.
  • Eenzaamheid.
  • Problemen in de woonomgeving vanwege bijvoorbeeld verzameldwang of wasdwang.

Hoe vaak komt het voor?

De dwangstoornis komt bij ongeveer 2 procent van de bevolking voor, vrijwel even vaak bij vrouwen als bij mannen. De ernst van de klachten kan wisselen in de tijd. Soms komt dit door een levensgebeurtenis die stress oproept, soms is een aanleiding voor de verergering of verbetering niet aan te geven.

Oorzaken

Er is niet duidelijk één oorzaak van de dwangstoornis te geven. De klachten ontstaan waarschijnlijk door een combinatie van factoren.

Erfelijke factoren
Kinderen van een ouder met een dwangstoornis hebben een verhoogde kans om ook een dwangstoornis te krijgen.

Omgevingsfactoren
Bij sommige mensen ontstaat een dwangstoornis nadat ze een ingrijpende levensgebeurtenis hebben meegemaakt, bijvoorbeeld een lichamelijke ziekte, een bevalling of ander werk. Vaak neemt door deze levensgebeurtenis de verantwoordelijkheid van de persoon toe. Daardoor kan hij zo onzeker worden dat hij allerlei gedrag gaat herhalen, hetgeen over kan gaan in een dwangstoornis.

Behandeling

Een dwangstoornis gaat niet vanzelf over. De aandoening is wel goed te behandelen.
Afhankelijk van de ernst van de aandoening bestaat de behandeling uit cognitieve gedragstherapie, medicijnen of een combinatie van beide. Klik hier voor het overzicht van de behandelingen voor dwangstoornis.