Onderzoeksproject APOLO gepresenteerd tijdens masterclass 'Persoonlijkheidsproblematiek bij jongeren

In één middag in sneltreinvaart een overzicht geven van de ontwikkeling van persoonlijkheidsstoornissen bij jongeren. Dat was het doel van de masterclass die Reinier van Arkel op donderdag 16 november 2017 mocht organiseren voor de studenten binnen het Topklas traject. De Stichting Topklas biedt talentvolle studenten psychologie en pedagogiek de kans om in een periode van zes jaar naast het volgen van een aaneengesloten opleiding tot gezondheidszorgpsycholoog en psychologisch specialist (klinisch psycholoog of klinisch neuropsycholoog ) tévens te worden opgeleid tot klinisch-wetenschappelijk onderzoeker.

Onderzoeksproject APOLO
Tijdens de masterclass werd ook project APOLO gepresenteerd. APOLO staat voor Adolescenten en hun Persoonlijkheids-Ontwikkeling: een Longitudinaal Onderzoek. Het grootschalige onderzoek wordt opgezet door Reinier van Arkel in samenwerking met GGZ Vincent van Gogh en Universiteit Utrecht. Dit onderzoeksproject richt zich op vroeg-detectie en vroeg-interventie van persoonlijkheidsproblematiek bij jongeren. Tijdens de masterclass waren alle betrokken onderzoekers bij het APOLO project aanwezig.

Theoretische kennis verbinden aan klinische praktijk
De studenten hebben zich tijdens de masterclass verdiept in de actuele kennis op het gebied van een gezonde persoonlijkheidsontwikkeling en een verstoorde persoonlijkheidsontwikkeling aan de hand van een interessante presentatie van Odilia Laceulle (Universiteit Utrecht). Paul van der Heijden, Pinés Nuku, Chamroeun Chann en Marjolijn Nijrolder – allen werkzaam bij Reinier van Arkel koppelden deze theoretische kennis op een boeiende manier aan de klinische praktijk door te bespreken hoe persoonlijkheidsproblematiek bij jongeren het best gediagnosticeerd en behandeld kan worden. Uiteraard was er tussen, maar ook na de presentaties, veel ruimte voor discussie onder leiding van professor Marcel van Aken (Universiteit Utrecht) en promovenda Nagila Koster. Hierin werd specifiek ingegaan op het spanningsveld tussen de wetenschap en de klinische praktijk.


Terug naar overzicht